Zuid-Koreaanse aanklagers hebben de doodstraf geëist tegen de afgezette president Yoon Suk-yeol, bevestigt de rechtbank. De eis volgt op de controversiële gebeurtenissen van december 2024, toen Yoon een staat van beleg afkondigde die het land in urenlange chaos stortte.
Dramatische machtsgreep
In een televisietoespraak plaatste Yoon het parlement buitenspel en beschuldigde de oppositie ervan te sympathiseren met Noord-Korea. De aankondiging leidde tot chaotische taferelen in Seoul, waar legertroepen werden ingezet en burgers massaal naar het parlementsgebouw trokken. Parlementsleden slaagden er uiteindelijk in de vergaderzaal te bereiken en een resolutie aan te nemen om de noodtoestand ongedaan te maken. Yoon liet echter uren op zich wachten voordat hij zijn besluit introk.
Meerdere rechtszaken
Dit is niet de eerste strafeis tegen de voormalige president. In december werd al tien jaar celstraf geëist voor het verhinderen van zijn arrestatie. Yoon wordt daarnaast beschuldigd van het leiden van een opstand, waarbij de officiële strafeis later deze maand wordt bekendgemaakt.
Symbolische eis
Hoewel de doodstraf juridisch mogelijk blijft in Zuid-Korea, is de kans op daadwerkelijke uitvoering minimal. Het land voerde de laatste executie bijna dertig jaar geleden uit. Sindsdien is de straf wel opgelegd maar nooit uitgevoerd. Yoon, die alle aanklachten ontkent en beweert binnen zijn presidentiële bevoegdheden te hebben gehandeld, zit momenteel vast in afwachting van zijn proces.
De zaak benadrukt de politieke spanningen in Zuid-Korea en roept vragen op over de grenzen van presidentiële macht in democratische systemen.
