Op de bovenste verdiepingen van een troosteloos gebouw waar zelfs enkele buitenmuren ontbreken, schept een medewerker van een Nepalese hulporganisatie warm eten op. Hoewel het gebouw nog in aanbouw is, is het voor nu goed genoeg om als kantine te dienen.
Bijna twee maanden nadat een vloedgolf in Nepal hele dorpen van de kaart veegde, wordt hard gewerkt aan de wederopbouw.
In Uttargaya, een kleine stad in het rampgebied, worden ongeveer 45 kinderen opgevangen van wie de ouders vermist zijn. Tegenover de geïmproviseerde kantine staat een ander gebouw met slaapzaaltjes.
"Het is een trieste situatie, veel van de kinderen weten niet eens dat hun ouders overleden zijn. Ze denken dat ze nog vermist zijn en elk moment kunnen terugkomen", zegt hulpverlener Raunak Raj Sarraf.
Tijdelijke opvanglocaties
Huizen worden uitgegraven en waar dat mogelijk is, worden noodbruggen aangelegd om het transport van dorp naar dorp te herstellen. Ondertussen wachten Nepalezen in tentenkampen en tijdelijke opvanglocaties tot ze kunnen terugkeren naar huis.
Het is juist daar dat kinderen die ouders verloren hebben of gescheiden zijn geraakt van familie extra kwetsbaar zijn. Voor hen is het gevaar nog niet geweken.
De tenten met grote logo's van hulporganisaties erop zijn volgens Sarraf een soort doelwit voor mensenhandelaars. In het komen en gaan van mensen, noodpakketten en hulpverleners, is er niet altijd even goed zicht op kinderen die er alleen zitten.
Pure wanhoop
Ook kinderen van wie de ouders de ramp wel overleefden, maar alles kwijtraakten, zijn in gevaar, zegt lokale hulpverlener Rasmita Tamang. "Ze hebben geen geld meer om kinderen te onderhouden of naar school te sturen." Ze zijn bereid om hun kinderen daarom over te dragen in de handen van onbetrouwbare partijen. Uit pure wanhoop.
Hulporganisaties in Nepal waarschuwen dat netwerken van mensenhandelaars extra actief worden tijdens rampen. Dat bleek ook bij de vorige grote ramp, de aardbeving in 2015. Met beloftes voor goede scholing of werk worden kinderen naar de hoofdstad Kathmandu meegenomen, buiten het zicht van hulpverleners.
"Nepal heeft een open grens met India waar ze via Kathmandu naartoe worden gebracht om vervolgens verder verhandeld te worden", volgens Sarraf.
De kinderen worden daar gebruikt als hulp in de huishouding. Soms komen ze in het circus terecht waar ze moeten optreden voor geld. Jonge meiden lopen gevaar om via bordelen in de gedwongen prostitutie te belanden.
Rasmita Tamang ziet dat er ook kinderen naar China worden gesmokkeld, omdat veel Nepalezen daarheen reizen om zaken te doen: "Kinderen komen terecht in speciale Nepalese bars om te werken of ze belanden in de prostitutie."
Cijfers over het aantal kinderen dat in handen valt van dit soort netwerken zijn niet beschikbaar. Tijdens de aardbeving in 2015 zou het gaan om honderden kinderen die op deze manier verhandeld zijn, schatten lokale hulporganisaties.
"Het is goed dat de overheid dit keer minder hulporganisaties van buitenaf heeft toegelaten, daardoor is er minder onduidelijkheid over wie wat doet", zegt Sarraf. Zo is er volgens hem meer controle.
Rol overheid
Toch wil hij dat de overheid meer doet om de kinderen uit de tenten te halen en in opvanglocaties als die in Uttargaya onder te brengen. Hoewel het gebouw veel te wensen overlaat, is er hier veel beter zicht op de kinderen. De hulporganisatie zorgt ervoor dat ze naar school blijven gaan, ondanks de moeilijke situatie waar ze zich in bevinden.
In een van de slaapzalen zit Priya te tekenen. Door de ramp is ze gescheiden van haar ouders. Het dorp waar ze zijn, kan ze nu niet bereiken door de slechte wegen. Ze tekent de oever van de rivier en de huizen die er eerst stonden: "Ik probeer het me te herinneren, maar het lukt niet goed", legt ze uit.
Volgens hulpverlener Tamang is er tijdens deze ramp wel een verschil met het verleden: "De overheid luistert veel beter naar de experts van lokale organisaties die advies geven om kinderhandel tegen te gaan".
Dit geeft hoop dat er dit keer minder kinderen in handen zullen vallen van mensenhandelaren.