De aanleg van het Nederlandse waterstofnetwerk staat onder druk door oplopende kosten en gebrek aan financiering. Waar vier jaar geleden nog werd gerekend op 1,5 miljard euro, zijn de ramingen inmiddels opgelopen naar 3,8 miljard euro, blijkt uit onderzoek van de Algemene Rekenkamer.
Kosten lopen uit de hand
Het ambitieuze project moet in 2030 de vijf grote industrieclusters in Nederland en de buurlanden met elkaar verbinden via een waterstofnetwerk. Groene waterstof geldt als cruciaal alternatief voor industrie die nu nog afhankelijk is van aardgas, omdat er dan geen CO2 meer wordt uitgestoten.
De kostenstijging heeft meerdere oorzaken. Zo kan minder gebruik worden gemaakt van bestaande gasleidingen dan verwacht, omdat de industrie langzamer afscheid neemt van aardgas. Hierdoor moeten er meer nieuwe leidingen voor waterstof worden aangelegd.
Kamer onvoldoende geïnformeerd
De Algemene Rekenkamer heeft kritiek op minister Hermans van Klimaat en Groene Groei. Zij was eerder op de hoogte van kostenoverschrijdingen dan aan de Tweede Kamer werd gemeld. "De minister had scherper moeten zijn op de kwaliteit van de kostenraming, omdat deze bepalend is voor de hoogte van de subsidie," aldus de rekenkamer.
De toegezegde subsidie van 750 miljoen euro schiet tekort. Naar schatting moet de overheid nog minimaal 2,5 miljard euro bijpassen - 1,8 miljard euro meer dan nu is toegezegd.
Bedrijven twijfelen
Het project kampt met een kip-en-ei-probleem. Omdat er nauwelijks groene waterstof beschikbaar is, zijn de prijzen extreem hoog. Bedrijven durven daardoor de overstap niet aan, waardoor ook de infrastructuur voorlopig niet rendabel lijkt.
Shell is momenteel het enige bedrijf dat in Nederland heeft geïnvesteerd in een grote waterstoffabriek. Gasunie begon onlangs met de verbinding van Shell's Hydrogen 1-fabriek op de Tweede Maasvlakte naar de raffinaderij in Pernis.
Financiële duidelijkheid vereist
Voor de overige onderdelen van het in totaal 1200 kilometer lange netwerk zijn nog geen definitieve investeringsbesluiten genomen. De rekenkamer adviseert het kabinet betere financiële afspraken te maken voor het vervolg, met een keuze uit meer overheidssubsidie, lager rendement voor Gasunie of hogere kosten voor gebruikers.
De Nederlandse energietransitie staat hiermee voor een belangrijke test: zonder adequate financiering en bedrijfszekerheid dreigt het waterstofnetwerk - essentieel voor industriële verduurzaming - vertraging op te lopen.
