Vragen over de nieuwe Zelfstandigenwet: wat verandert er per 2028?

Duidelijkheid voor zzp'ers en opdrachtgevers. Dat is het doel van de nieuwe Zelfstandigenwet die in 2028 moet ingaan. Met de wet wil minister Aartsen van Werk en Participatie de angst bij opdrachtgevers wegnemen voor naheffingen als ze een zelfstandige zonder personeel inhuren en voor zzp'ers zelf "een veilige haven creëren".

Al tien jaar stoeit de politiek met de zzp-regels. Gaat deze wet duidelijkheid geven? Vijf vragen en antwoorden hierover.

Wat staat er in die wet?

De wet moet vastleggen aan welke voorwaarden je moet voldoen om jezelf zzp'er te noemen. Tot nu toe lag alleen maar vast wanneer iemand géén zzp'er was, namelijk als iemands werkwijze te veel leek op een werknemer in loondienst.

Een zzp'er moet straks een inschrijving hebben bij de Kamer van Koophandel, een btw-nummer en een zakelijke rekening. Ook moet de zelfstandige facturen versturen. Verder mag een opdrachtgever in principe niet voorschrijven waar, wanneer en hoe iemand een klus uitvoert. Dat bepaalt een zzp'er zelf.

Daarnaast moet een zzp'er in twee jaar minstens drie verschillende opdrachtgevers hebben. Hiervoor bestond geen wettelijke norm. Verder wordt nog gesproken over een verplichte financiële buffer voor zzp'ers.

Er waren toch al strengere regels voor zzp'ers?

Ooit had een zzp'er een Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) nodig. In 2016 werd die geschrapt, maar daarmee ontstond ook onzekerheid voor opdrachtgevers. Om die weg te nemen, stopte de Belastingdienst met het controleren van opdrachtgevers.

Daarna groeide het aantal zzp'ers snel en ging het vaak over 'schijnzelfstandigheid': iemand die op papier een zzp'er is maar in de praktijk hetzelfde werk doet als een werknemer. Verschillende kabinetten probeerden dit tevergeefs te stoppen. Wel werd besloten om per 2025 te controleren op schijnzelfstandigheid.

Daarbij werd verwezen naar het Deliveroo-arrest, waarbij de Hoge Raad negen criteria gaf of iemand als werknemer of als zzp'er moet worden beschouwd. Opdrachtgevers namen daarom afgelopen anderhalf jaar het zekere voor het onzekere. Zorginstellingen, overheid en ICT-bedrijven stopten veelal met het inzetten van zzp'ers. De nieuwe wet moet duidelijk maken hoe een zzp'er wél gedefinieerd kan worden.

Het is overigens niet per definitie zo dat je nooit als zelfstandige aan de slag komt als je niet door de toetsen komt, maar dan is er wel veel minder zekerheid dat je als zzp'er wordt gezien.

Hoe reageren zzp'ers en opdrachtgevers?

Nederland telt ruim een miljoen zzp'ers. Tientallen van hen hebben online gereageerd op het wetsvoorstel bij de internetconsultatie. Meerdere zzp'ers schrijven dat de nieuwe wetgeving niet realistisch en haalbaar is in de praktijk. Zzp'ers in de ICT-sector zitten vaak langere tijd op een project en zeggen niet te kunnen voldoen aan de eis van drie opdrachtgevers in twee jaar.

Bij het kantoor van belastingadviseur Boris Emmerig stromen de telefoontjes na de aankondiging binnen. Vooral opdrachtgevers zitten met vragen. "Zij vragen zich af: wat betekent de wet concreet, hoe zeker is het dat dit doorgaat en vooral: wat moet ik doen?", zegt Emmerig.

Veel van zijn klanten hebben afgelopen jaar nieuw beleid ontwikkeld rondom de inhuur van zzp'ers. "En dat beleid mogen bedrijven dus straks weer gaan aanpassen", zegt Emmerig. "Dat brengt extra werk met zich mee."

Toch klinkt er ook bijval voor het wetsvoorstel. "Dit is een hele goede stap van Aartsen", vindt Erik Ziengs, voorzitter van Ondernemend Nederland (ONL). Hij vertegenwoordigt bedrijven en zzp'ers. "Dat de positie van de zelfstandige nu eindelijk positief wordt gedefinieerd, geeft houvast." Volgens hem is ook de eis van drie opdrachtgevers in twee jaar realistisch.

Lees ookOM: Gazaanse student uit Maastricht niet betrokken bij Hamas-aanslagen

"Op dit moment zou ik als zzp'er niks anders doen", zegt Niels van der Neut, universitair docent arbeidsrecht van de Universiteit van Amsterdam. "Wacht rustig af wat er met de wet gebeurt. Twijfel je als zzp'er of opdrachtgever? Sla de Deliveroo-criteria erop na. Daarop kan je terugvallen, ook na de wetsinvoering."

Gaat dit nu echt meer duidelijkheid geven?

Van der Neut twijfelt of de nieuwe wet, die nog besproken moet worden in de Tweede en Eerste Kamer, voor meer duidelijkheid zorgt.

"De minister zegt: de nieuwe wet is een veilige haven. Dat klopt maar deels: het is een haven waar je elke dag opnieuw doorheen moet varen. Als er iets verandert in de situatie, dan voldoe je dus direct niet meer aan de vereiste voorwaarden. Het zou simpeler zijn als de toets geldig is voor een bepaalde periode."

De gedachte dat de twee toetsen een veilige haven bieden, is relatief, vindt ook belastingadviseur Emmerig. Ook vindt hij de eis van drie opdrachtgevers in twee jaar niet zo duidelijk. "Het gaat hier namelijk om drie "volwaardige" opdrachtgevers. Wat is een volwaardige opdrachtgever? Zo'n woordje zorgt al direct voor vraagtekens en gedoe."

Zzp'ers moeten verplicht geld opzij leggen. Waarom?

De wet wil ook regelen dat zzp'ers verplicht een buffer opbouwen voor bijvoorbeeld pensioen of arbeidsongeschiktheid.

Over de hoogte van dit bedrag wil de minister nog praten met zzp'ers. "Dat bedrag opzijzetten laat zien dat je een serieuze ondernemer bent", zegt Erik Ziengs (ONL). "Maar of dat met een verzekering, beleggingen of vastgoed gebeurt, is aan de zzp'er." De minister houdt die optie ook nog open.

De vraag is of de verplichte buffer niet botst met een andere wet: de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) voor ondernemers, die per 2030 moet ingaan. Als het aan ONL ligt komt er een zogeheten 'opt-out'. Wie straks aantoonbaar voldoende geld opzijlegt, zou dan niet ook nog een AOV te hoeven nemen.

Deel dit artikel

Lees ook