Een student van de Universiteit Leiden heeft van de Raad van State gelijk gekregen in een conflict over het cijfer voor zijn masterscriptie. De scriptie werd beoordeeld met een 9, maar omdat hij zijn werk te laat inleverde, trokken de examinatoren daar een heel punt vanaf.
De student van de master Civiel recht moest zijn scriptie uiterlijk op 6 juni 2025 om 12.00 uur inleveren, vlak voor het pinksterweekend. In plaats van de definitieve versie stuurde hij een conceptversie met de mededeling dat de eindversie voor het einde van het weekend zou volgen.
Een examinator liet per mail weten geneigd te zijn de student tijdens het weekend door te laten werken en daarna de definitieve versie te beoordelen. Uiteindelijk leverde de student zijn scriptie op tweede pinksterdag in, ruim drie dagen na de deadline, schrijft Omroep West.
Punt aftrek
Een paar weken later kreeg de student te horen dat zijn scriptie inhoudelijk was beoordeeld met een 9. Omdat hij extra tijd had gebruikt, werd het eindcijfer verlaagd naar een 8. Volgens de examinatoren had de student beter moeten plannen.
De student vocht die beslissing aan bij het College van Beroep voor de Examens (CBE). Dat stelde de universiteit eerder dit jaar in het gelijk. Volgens het college mocht de student niet in een gunstigere positie komen dan medestudenten die hun scriptie wel op tijd hadden ingeleverd.
De student liet het er niet bij zitten en stapte daarop naar de Raad van State. Hij stelde dat zijn examinatoren nooit duidelijk hebben gemaakt dat het overschrijden van de inleverdeadline een heel punt op het eindcijfer zou kosten.
Onvoldoende onderbouwd
De Raad van State geeft de student nu gelijk. Volgens de hoogste bestuursrechter mochten de examinatoren rekening houden met de extra tijd die de student had gekregen. Maar vooraf was niet duidelijk gemaakt dat het aantal uren of dagen vertraging bepalend zou zijn voor de hoogte van de aftrek.
"Hij heeft op de zitting gemotiveerd te kennen gegeven dat hij de scriptie eerder tijdens het Pinksterweekend zou hebben ingeleverd als hij zou hebben geweten dat de omvang van de termijnoverschrijding van invloed zou zijn op de mate van puntaftrek", staat in de uitspraak.
Daarom is volgens de Raad van State door de universiteit onvoldoende onderbouwd waarom de student precies een heel punt is kwijtgeraakt.
De uitspraak betekent niet automatisch dat de student alsnog een 9 krijgt. De examinatoren moeten binnen zes weken een nieuw besluit nemen over het cijfer, met inachtneming van het oordeel van de Raad van State.