Minsiter Van Weel zit in zijn maag met een dringend verzoek van de Tweede Kamer. Die wil dat informatie die kan helpen om cold cases op te lossen, langer mag worden bewaard. Van Weel ziet geen juridische mogelijkheid om de wet aan te passen "Ik heb echt mijn uiterste best gedaan."
Een zeer ruime meerderheid de Tweede Kamer kan er niet bij dat politiegegevens na maximaal tien jaar moeten worden vernietigd, ook als er aanwijzingen zijn dat ze een rol kunnen gaan spelen in onderzoek naar oude zaken die nog niet zijn opgelost.
Niet alleen de oppositie, ook de regeringspartijen VVD, D66 en CDA willen dat minister op zoek gaat naar mogelijkheden om de bewaartermijnen van politiegegevens met betrekking tot bijvoorbeeld de georganiseerde misdaad en femicide te verlengen.
Het gaat hierbij om informatie die op het eerste oog niet aan een onopgeloste zaak kan worden gekoppeld, zoals een boete voor te hard rijden rond een plaats delict. Gegevens die wel direct met een cold case in verband gebracht kunnen worden, mogen al langer worden bewaard.
'Tijd kopen'
Van Weel zei vandaag in een Kamerdebat nogmaals dat hij sterk meevoelt met de wens om de wet aan te passen. "Maar de persoonlijke levenssfeer van burgers verdient ook bescherming" en daarom kun je volgens hem gewoon niet "de hele hooiberg" aan data blijven bewaren.
Gisteren reageerde de minister al op een motie van VVD-Kamerlid Ellian, die breed gesteund wordt. Hij zei toen dat hij "anderhalf jaar echt intensief gezocht" heeft, maar "geen juridische aanknopingspunten" heeft gevonden.
Die woorden herhaalde hij vandaag. Hij wil wel "tijd kopen" door onder meer te onderzoeken hoe vier andere EU-lidstaten met de wettelijke bewaartermijnen omgaan en opnieuw in gesprek te gaan met de Autoriteit Persoonsgegevens (AP).
Op de vingers getikt door Autoriteit Persoonsgegevens
Het langer dan maximaal tien jaar bewaren van politiegegevens mag niet, maar gebeurt in de praktijk nog wel. Sinds 2019 knijpt de minister van Justitie en Veiligheid wat betreft de maximale bewaartermijn een oogje dicht.
Vorig jaar heeft de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) daarover aan de bel getrokken. Volgens deze instantie, die over privacy gaat, brengt het te lang bewaren van gegevens van "miljoenen onschuldige mensen" te veel risico's met zich mee.
De AP stelt dat veruit de meeste gegevens over relatief 'kleine zaken' gaan, zoals een burenruzie of een verkeersovertreding. Die moeten na vijf jaar uit de dagelijks gebruikte politiesystemen worden verwijderd en na tien jaar helemaal worden vernietigd.
Ook de Raad van State heeft de minister geadviseerd om er nu echt voor te zorgen dat de politie zich aan de wettelijke bewaartermijn houdt.
Ook wil Van Weel de politie de ruimte geven om verder te werken aan een gefaseerd plan om gegevens die al dan niet langer bewaard moeten blijven te sorteren. "Zo lang deze acties nog lopen, zal ik de politie vragen om de bedoelde gegevens te bewaren", zei Van Weel.
De minister doet een beroep op de Tweede Kamer om zelf ook in gesprek te gaan met de Autoriteit Persoonsgegevens, de Raad van State en andere relevante organisaties "om met mij te zoeken naar alternatieve aanknopingspunten".
Ondertussen is er een risico is dat de Autoriteit Persoonsgegevens dwangsommen gaat opleggen, waarschuwde hij. Hij is bereid dat te nemen en hoopt dat de Kamer hem daarin steunt.
Het is nog niet duidelijk of de Kamer genoegen neemt met de antwoorden van Van Weel. "Ik proef dat deze Kamer tot het uiterste wil gaan" om het langer bewaren van gegevens toch mogelijk te maken, zei 50Plus-Kamerlid Struijs.