Duitsland introduceert de zogenoemde ‘Bau-Turbo’ om de acute woningcrisis aan te pakken. Net als Nederland kampt het buurland met een explosieve woningnood: een recordaantal van 1 miljoen mensen is dakloos of heeft geen vaste woning, terwijl de woningbouw juist stagneert.
Drastische versoepeling van procedures
De Duitse bouwturbo maakt het mogelijk om af te wijken van normale bouwregels. Gemeenten kunnen bouwen toestaan op locaties waar het bestemmingsplan dit normaliter verbiedt, en kleine bouwprojecten hebben niet altijd een vergunning nodig. Nog ingrijpender: bouwaanvragen die niet binnen drie maanden worden behandeld, gelden automatisch als goedgekeurd. Een revolutionaire maatregel in een land waar dergelijke procedures jaren kunnen duren.
Het snelst groeiende stadsdeel van Berlijn, Pankow, omarmt deze nieuwe aanpak. “De stad groeide in enkele jaren met 350.000 inwoners, maar er zijn nauwelijks beschikbare woningen”, aldus districtbestuurder Cornelius Bechtler. Door de bouwturbo kunnen nu bijvoorbeeld appartementen gebouwd worden waar het bestemmingsplan alleen eengezinswoningen toestaat.
Kritiek op snelheid boven kwaliteit
Niet iedereen is enthousiast over deze turbo-aanpak. Architect Theresa Keilhacker, lid van de Berlijnse klimaatraad, waarschuwt dat bouwen complex is en tijd nodig heeft om verschillende belangen af te wegen. “Dan maar regels omzeilen en naar niemand luisteren? Dan vervallen we van het ene uiterste in het andere.”
Critici vrezen dat de laatste groene plekken in steden worden opgeofferd en dat burgerinspraak wordt weggenomen. Ook bestaat de zorg dat vooral dure woningen voor de hogere middenklasse ontstaan, omdat in Berlijn met de turbo de eis vervalt om minimaal 30 procent betaalbaar te bouwen.
Nederlandse parallellen
De Duitse woningcrisis vertoont opvallende overeenkomsten met die in Nederland. Duitsland heeft een geschat tekort van 2 miljoen betaalbare appartementen in steden. Vorig jaar werden slechts 251.900 woningen opgeleverd, het laagste aantal sinds 2015. In grote steden stegen huurprijzen met 10 tot 12 procent.
Een belangrijk verschil met Nederland: Duitsland kent geen stikstofproblematiek die de bouw belemmert. Wel kampt men met gestegen bouwkosten, hogere rentes en terughoudende investeerders – bekende obstakels ook in de Nederlandse woningmarkt.
Experiment met onzekere uitkomst
Stadsontwikkelaar Heiko Ruddigkeit ziet de bouwturbo als “een experiment dat we gewoon moeten uitproberen”. De komende tijd zal uitwijzen of deze drastische aanpak daadwerkelijk tot meer betaalbare woningen leidt, of juist ten koste gaat van leefbaarheid en democratische besluitvorming.







