Twee jonge Zeeuwse lepelaars sneuvelen tijdens eerste winter

Twee van de drie jonge lepelaars die afgelopen zomer in Nationaal Park Oosterschelde van GPS-zenders werden voorzien, hebben de winter niet overleefd. De vogels, die door schoolkinderen de namen Jonas, Sven en Isa hadden gekregen, werden gevolgd om meer inzicht te krijgen in de behoeften van deze bijzondere vogelsoort.

Roofdieren pakken lepelaars

Lepelaar Jonas, die ongewoon genoeg in Nederland was gebleven om te overwinteren bij het Veerse Meer, werd eind december door een vos gepakt. Uit de zenderdata blijkt dat de vogel nog actief was vlak voor zijn dood. "Kort voor zijn dood liep hij nog langs de oever van het Veerse Meer", meldt het park. "Een half uur later lag hij op zijn kop."

Ook Sven overleefde zijn eerste winter niet. De lepelaar, die naar Portugal was getrokken, viel vermoedelijk ten prooi aan een oehoe tijdens de vroege ochtenduren.

Onderzoek naar knelpunten

Het zenderproject was opgezet om meer te weten te komen over de obstakels die lepelaars ondervinden. Hoewel de lepelaarpopulatie in Nederland groeit, zijn er nog steeds knelpunten zoals botsingen met hoogspanningskabels en windturbines in de Zeeuwse Delta.

"We hadden er wel rekening mee gehouden: 60 procent van de jongen legt het loodje", reageert Wilco Jacobusse van het nationale park bij Omroep Zeeland. Het sterftecijfer van 67 procent ligt dus nog boven het verwachte percentage.

Lees ookNederlandse regering steunt Amerikaanse ingreep Venezuela ondanks kritiek Tweede Kamer

Hoop op terugkeer

Over de derde lepelaar, Isa, die overwintert in Mauretanië, is nog weinig bekend door slecht GPS-bereik in dat gebied. Onderzoekers hopen haar signaal weer op te pikken als ze in februari of maart terugkeert naar de Zeeuwse delta.

Het project toont aan hoe kwetsbaar jonge lepelaars zijn, niet alleen door menselijke obstakels maar ook door natuurlijke vijanden tijdens hun eerste levensjaar.

Deel dit artikel

Lees ook